Kamer wil kleine spaarder ontzien; senaat bereid tot novelle vóór kerst; 12 okt Belastingplan
Lees meer
Box 3 · Novelle voorgesteld (geen wet)

Wet Werkelijk Rendement

Wat de wet inhoudt, waar we nu staan na de Kamerbrief-novelle van 29 september 2026 (voorstel, geen wet), en de volledige wetsgeschiedenis van 2017 tot nu.

Wat is het?

De Wet Werkelijk Rendement moest de forfaitaire Box 3-heffing vervangen door belasting over werkelijk rendement, inclusief ongerealiseerde koerswinsten op beleggingen. De Kamerbrief van 29 september stuurt via een novelle richting vermogenswinstbelasting (pas bij realisatie) vanaf 2028. Beide zijn voorstellen; er is nog geen aangenomen wet.

Status

De Tweede Kamer stemde in op 12 februari 2026; de Eerste Kamer hield de stemming op 30 juni aan. Op 29 september stelt het kabinet via een Kamerbrief een novelle voor: VWB op financiële instrumenten vanaf 2028 (~90%), rest in 2030. Dat is een voorstel, geen wet. JA21/SGP zijn koel over de dekking. Voor een start in 2028 moet de novelle vóór 31 december 2026 door de Eerste Kamer. Op 5 oktober toonde de senaat zich bereid de novelle vóór kerst te behandelen, en op 6 oktober vroeg de Tweede Kamer het heffingsvrij resultaat te verhogen. Advies van de Raad van State volgt naar verwachting eind oktober.

Volg de ontwikkelingen
Wat kost het u?

Bij een portefeuille van €200.000 met 7% rendement betaalt u onder de nieuwe wet ruim €5.000 meer per jaar dan nu. Bereken uw persoonlijke impact.

Bereken mijn situatie
Rechtspraak
Wetgeving
Actueel
Toekomst
2017

Nieuw forfaitair Box 3 stelsel ingevoerd

Nederland stapt over op een nieuw systeem waarbij spaargeld, beleggingen en schulden elk een eigen fictief rendement krijgen. Het idee is een betere benadering van werkelijk rendement dan de vaste 4% die daarvoor gold. In de praktijk zorgt het stelsel bij lage spaarrentes voor aanzienlijke overbelasting van spaarders.

24 december 2021

Kerstarrest: Hoge Raad verklaart forfaitair stelsel onrechtmatig

De Hoge Raad oordeelt in het zogenoemde Kerstarrest dat het forfaitaire Box 3 stelsel in strijd is met het eigendomsrecht en het discriminatieverbod uit het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Het arrest geldt voor belastingplichtigen die tijdig bezwaar hebben gemaakt (massaal bezwaar).

Februari 2022

Rechtsherstel aangeboden aan bezwaarmakers

De Belastingdienst biedt rechtsherstel aan aan belastingplichtigen die tijdig bezwaar hadden gemaakt voor de jaren 2017-2020. Wie geen bezwaar had gemaakt, valt buiten het rechtsherstel - wat later tot nieuwe rechtszaken leidt.

2023

Overbruggingsstelsel ingevoerd (werkelijke verdeling)

In afwachting van een definitieve wet voert het kabinet een tijdelijk overbruggingsstelsel in. De fictieve rendementen worden nu per vermogenscategorie vastgesteld op basis van werkelijke marktcijfers. Beleggingen blijven een relatief hoog forfait houden, maar spaargeld sluit beter aan bij de werkelijke rente.

6 juni 2024

Hoge Raad: ook niet-bezwaarmakers hebben recht op werkelijk rendement

De Hoge Raad breidt de reikwijdte van het Kerstarrest uit: ook belastingplichtigen die geen bezwaar hadden gemaakt, kunnen aanspraak maken op heffing naar werkelijk rendement als het forfait hoger uitvalt. Dit treft in potentie miljoenen aanslagen en creëert enorme druk op het wetgevingsproces.

Najaar 2024

Wetsvoorstel 36.748 ingediend bij Tweede Kamer

Het kabinet dient wetsvoorstel 36.748 (Wet Werkelijk Rendement Box 3) in bij de Tweede Kamer. Het voorstel introduceert een hybride systeem: vermogensaanwasbelasting voor beleggingen (inclusief ongerealiseerde koerswinsten) en vermogenswinstbelasting voor vastgoed. Beoogde inwerkingtreding: 1 januari 2028.

12 februari 2026

Tweede Kamer stemt in met wetsvoorstel

Een meerderheid van de Tweede Kamer stemt in met wetsvoorstel 36.748. Voor: SP, GroenLinks-PvdA, D66, Volt, PvdD, CDA en VVD. Tegen: 50PLUS, DENK, SGP, ChristenUnie, JA21, BBB, Groep Markuszower, PVV en FVD. Tegelijkertijd wordt een motie aangenomen die het kabinet verzoekt voor Prinsjesdag 2028 een alternatief voorstel in te dienen voor een vermogenswinstbelasting zonder ongerealiseerde koerswinsten.

24 februari 2026

Eerste Kamer start behandeling

De commissie Financiën van de Eerste Kamer bespreekt de procedure voor behandeling van wetsvoorstel 36.748. Uitkomst: een technische briefing met het ministerie van Financiën wordt gepland op 17 maart 2026. Meerdere fracties kondigen een kritische houding aan.

25 februari 2026

Heinen kondigt aanpassing wetsvoorstel aan

Actueel

Minister Heinen gaat terug naar de tekentafel met het wetsvoorstel voor box 3. Na een golf van protest van beleggers en kritische opmerkingen vanuit de Eerste Kamer kondigt hij aanpassingen aan. Wat er precies wijzigt is nog niet bekend. De invoeringsdatum van 1 januari 2028 staat hierdoor onder druk.

26 februari 2026

Tweede Kamer eist verliesverrekening in herziene wet

De Tweede Kamer neemt een motie aan (ChristenUnie + JA21, mede gesteund door VVD) die het kabinet oproept verliesverrekening met carry-back op te nemen in het aangepaste box 3-voorstel. Als een belegger in een jaar verlies lijdt, moet dat verrekend kunnen worden met belasting betaald in het voorgaande jaar.

17-18 maart 2026

Mondeling overleg Eerste Kamer: carry-back bevestigd

De commissie Financiën van de Eerste Kamer voert mondeling overleg met staatssecretaris Eerenberg. Uitkomst: het kabinet bevestigt dat een carry-back-voorziening (verliesverrekening met voorgaande jaren) concreet wordt verkend, mogelijk opgenomen in Belastingplan 2027 via een novelle. Ook een apart wetsvoorstel voor startende ondernemers per 1 januari 2028 is in voorbereiding. Eerenberg erkent dat het proces 'niet optimaal' is verlopen maar zet door met reguliere behandeling. Invoeringsdatum 2028 blijft het officiële uitgangspunt.

25 juni 2026

Hoge Raad: geen herstel voor niet-bezwaarmakers 2017–2020

De Hoge Raad oordeelt dat wie geen (tijdig) bezwaar maakte tegen box 3 over 2017 tot en met 2020 geen teruggave krijgt. Het Kerstarrest telt voor die groep als nieuwe jurisprudentie, dus definitieve aanslagen van vóór 24 december 2021 hoeven niet ambtshalve te worden verminderd. Op 17 juli bekrachtigt de Belastingdienst dat met een collectieve beslissing.

30 juni 2026

Eerste Kamer houdt stemming over de wet aan

Een meerderheid van de Eerste Kamer (op voorstel van GroenLinks-PvdA) houdt de stemming aan tot behandeling van een door het kabinet aangekondigde novelle. Critici noemen het wetsvoorstel een rommelig tussenstation. Staatssecretaris Eerenberg weigert intrekking.

14 september 2026

Geen novelle op Prinsjesdag: kabinet schetst vier scenario’s

Actueel

De beloofde novelle komt er niet. In een Kamerbrief zetten Heinen en Eerenberg vier routes op een rij: verbeteringen binnen de Wet werkelijk rendement, WWR in 2028 gevolgd door volledige vermogenswinstbelasting rond 2030, de wet intrekken en forfait houden tot een latere VWB, of versnelde VWB op financiële instrumenten al in 2028. Kosten lopen tot bijna €20 miljard. Banken en Eerenberg waarschuwen dat snelle invoering in 2028 een groot risico is. 2028 is geen harde startdatum meer.

22 september 2026

Commissie FIN: mondeling overleg box 3 (voorkeur 5 oktober)

Officiële korte aantekeningen: commissie FIN nodigt minister en staatssecretaris zo spoedig mogelijk, doch na de AFB in de Tweede Kamer, uit voor mondeling overleg over de voortgang van box 3. Voorkeur: maandagavond 5 oktober. Drie toezeggingen blijven niet voldaan (T04259 vermogenswinstbelasting/tijdpad, T04261 budgettaire effecten tegenbewijs, T04262 informeren rond Prinsjesdag). Lange opschorting van 36.748 is nog niet besloten; 2028 blijft onzeker.

29 september 2026

Kamerbrief: novelle naar vermogenswinstbelasting vanaf 2028

Actueel

Jetten, Heinen en Eerenberg stellen een novelle op de Wet werkelijk rendement voor: vanaf 2028 vermogenswinstbelasting op alle financiële instrumenten (~90% van Box 3 met waardeontwikkeling), vanaf 2030 de rest (NSW-landgoederen onder review). Dekking: heffingsvrij vermogen 2027 €30.846, heffingsvrij resultaat vanaf 2028 €1.000 (was €1.800), forfait overige bezittingen +1,5 pp, box 2 hoog tarief tijdelijk 29,2%, excessief lenen in vijf €80k-stappen naar €100k. Voorstel, geen wet. JA21/SGP koel. Novelle moet vóór 31 december 2026 door de Eerste Kamer voor een start in 2028. Spoedadvies RvS; meelopen met Belastingplan. Op 5 oktober toonde de senaat zich bereid de novelle vóór kerst te behandelen, en op 6 oktober vroeg de Tweede Kamer het heffingsvrij resultaat te verhogen. Advies van de Raad van State volgt naar verwachting eind oktober.

1 oktober 2026

AFB: Heinen wil kleine spaarder ontzien; €1.000 onder druk

Actueel

Tweede AFB-dag: minister Heinen belooft de grens voor kleine spaarders omhoog te brengen zodat minder mensen heffen (pers: FD ~12:23; ND/ANP). Raakt vooral het heffingsvrij resultaat €1.000 uit de Kamerbrief 29 sep. Geen nieuw officieel bedrag, geen herziene brief. Vervangende dekking en Kamermeerderheid open. Context dag 1: ~€7,7 mrd gat, VVD/CDA-weerstand, JA21-compensatie-idee. Senaat toonde zich op 5 oktober bereid tot behandeling vóór kerst; novelle-deadline 31 december blijft.

5 oktober 2026

Eerste Kamer bereid novelle vóór kerst te behandelen

Mondeling overleg van de commissie Financiën met minister Heinen en staatssecretaris Eerenberg. Volgens het FD is een meerderheid van de senaat nu toch bereid de box 3-novelle vóór kerst te behandelen, met zorgen over tijdsdruk, uitvoering en cryptoregels. Eerenberg noemt de marges 'in orde van grootte van dagen'. Het spoedadvies van de Raad van State wordt eind oktober verwacht, daarna gaat de novelle begin november naar de Tweede Kamer. Dekking is nog open. Bereid zijn om snel te behandelen is nog geen ja.

6 oktober 2026

Tweede Kamer: heffingsvrij resultaat moet omhoog

De Tweede Kamer neemt moties aan die het kabinet vragen het heffingsvrij resultaat van €1.000 uit de Kamerbrief te verhogen (Van Eijk c.s. nr. 11, Grinwis c.s. nr. 33) en een andere dekking te zoeken die niet bij kleine spaarders terechtkomt, bijvoorbeeld een lager box 2-tarief of het aanpakken van papieren schenkingen. Een motie om het heffingsvrij vermogen niet te halveren (nr. 29) en een motie om box 3 af te schaffen (nr. 22) halen het niet. Moties zijn verzoeken; een nieuw bedrag moet nog van het kabinet komen. Eerste wetgevingsoverleg Belastingplan op 12 oktober.

1 januari 2028

Beoogde inwerkingtreding (niet zeker)

Beoogde startdatum blijft 1 januari 2028, nu via de Kamerbrief-novelle (VWB op financiële instrumenten). Harde voorwaarde: de novelle moet vóór 31 december 2026 door de Eerste Kamer. JA21/SGP zijn koel over de dekking; uitvoering (o.a. vooraf ingevulde aangifte) is riskant. Geen garantie: voorstel, geen wet.

De wet verandert nog

De politiek is nog niet klaar met box 3. Ontvang een bericht zodra er nieuws is over scenario’s, ingangsdatum, tarieven of vrijstellingen.