Kamer wil kleine spaarder ontzien; senaat bereid tot novelle vóór kerst; 12 okt Belastingplan
Lees meer
Belastinguitleg

Box 3 Belasting Uitleg

Van de Hoge Raad uitspraak tot de Wet Werkelijk Rendement: alles wat u moet weten.

1

Achtergrond: de weg naar werkelijk rendement

Op 24 december 2021 deed de Hoge Raad een baanbrekende uitspraak: het toenmalige Box 3-systeem schond het eigendomsrecht en het gelijkheidsbeginsel. Het systeem ging er vanuit dat belastingplichtigen een hoog fictief rendement behaalden, terwijl de werkelijkheid voor spaarders veel lager lag.

Als gevolg hiervan moest de Belastingdienst 'rechtsherstel' bieden voor de jaren 2017-2022. Miljoenen belastingplichtigen ontvingen een teruggave of herziene aanslag.

In juni 2024 deed de Hoge Raad opnieuw een belangrijke uitspraak: ook bij het overgangsrechtssysteem (2017-2022) moest individueel toetsing plaatsvinden wanneer het werkelijk rendement lager was dan het fictieve rendement.
2

Het huidige systeem (2026)

Zolang de nieuwe wet er niet is, geldt het overbruggingsstelsel per categorie. De tabel hieronder is belastingjaar 2026 en is nu in werking. Overige bezittingen: 6,00%. In 2025 was dat 5,88%. Spaargeld was toen 1,37%, nu 1,28%.

CategorieFictief rendement 2026Belasting (36%)
Banktegoeden1,28%0,46%
Beleggingen (overige bezittingen)6,00%2,16%
Onroerend goed6,00%2,16%
Schulden (aftrekbaar)2,70%-0,97%
Heffingsvrij vermogen 2026 (in werking): €59.357 per persoon (€118.714 voor fiscale partners). Alleen het vermogen daarboven telt mee. In 2025 was de vrijstelling €57.684 per persoon.

Rekenvoorbeeld: belastingjaar 2026

Situatie 2026: €200.000 volledig belegd (geen fiscale partner). Forfait overige bezittingen 6,00%, in werking.

Totaal vermogen€200.000
Af: heffingsvrij-€59.357
Belastbaar vermogen€140.643
Fictief rendement (6,00%)€8.439
Belasting (36%)€3.038
3

De nieuwe wet: Wet Werkelijk Rendement (beoogd 2028)

De Tweede Kamer stemde in, maar de Eerste Kamer hield de stemming aan en het kabinet schetst scenario’s. De voorgestelde Wet Werkelijk Rendement zou belasting heffen op werkelijk rendement. Of en wanneer dat doorgaat is politiek open.

Wat valt wél onder rendement

  • Dividenden en rentebetalingen
  • Ongerealiseerde koerswinsten aandelen/ETFs (jaarlijks)
  • Huurinkomsten (netto)
  • Waardestijging vastgoed (bij verkoop/realisatie, niet jaarlijks)
  • Verkoopwinsten bij realisatie

Compenserende maatregelen

  • Verliezen zijn verrekenbaar met toekomstige winsten
  • Heffingsvrij vermogen blijft bestaan
  • Belastingtarief blijft 36%
  • Overgangsregeling voor lopende posities
Liquiditeitsprobleem: U moet wellicht aandelen verkopen om de belasting op ongerealiseerde koerswinsten te kunnen betalen, ook als u dat niet wilde. Vastgoed valt onder een realisatiebasis: waardestijging wordt pas belast bij verkoop.
4

Het compounding probleem

Het grootste nadeel van de nieuwe Box 3 wet is het effect op samengesteld rendement. Elke euro die u aan belasting betaalt op ongerealiseerde winst, kan niet meer groeien.

20-jaar projectie: €200.000 bij 7% rendement

Geen belasting
€773.937
Theoretisch maximum
Box 2 BV
≈ €580.000
Na exit-belasting
Box 3 (nieuw)
≈ €490.000
Na jaarlijkse heffing

* Indicatieve berekening. Gebruik onze calculator voor uw persoonlijke situatie.

Bereken uw situatie
5

Impact per vermogenscategorie

Spaarders

Beperkt

Rente is al een 'gerealiseerde' opbrengst. Bij lage spaarrente is de belasting beperkt. Relatief weinig verandering ten opzichte van het huidige systeem.

Aandelenbeleggers / ETF-beleggers

Hoog

Het hardst getroffen. Jaarlijkse mark-to-market belasting op de koersstijging, ook zonder verkoop. Grote impact op buy-and-hold strategie.

Vastgoedbeleggers

Zeer hoog

Dubbele heffing: huurinkomsten én waardestijging van het pand worden belast. Vastgoed is illiquide, wat het liquiditeitsprobleem verergert.

Pensioenopbouw privé

Structureel

Nettovermogen op pensioenleeftijd significant lager door jaarlijkse heffingen. Langere horizons worden proportioneel harder geraakt.

6

Rechtsonzekerheid: de wet kan nog wijzigen

Let op: Sinds juni–september 2026 is de wet politiek vastgelopen: Eerste Kamer-stemming aangehouden, geen Prinsjesdag-novelle, en vier kabinetsscenario’s (inclusief routes richting vermogenswinstbelasting). 2028 is geen harde startdatum. Zie de statusupdate.

Wij houden deze pagina actueel bij alle relevante wijzigingen. Schrijf u in voor onze nieuwsbrief om als eerste op de hoogte te zijn.

Bekijk alle updates